November 2

0

Machteld Roede

aprilmeijunijuliaugustusseptemberoktober-1 en oktober-2november 1 en november 2

Natuur

Flora

De groenblijvende liaan klimop — Hedera helix- is een van de weinige planten die tot in de winter kan bloeien en zo in de donkere, koude maanden nog actieve insecten nectar en stuifmeel blijft leveren.

Op enkele onverwachte plekken bloeit verrassend de hier in het wild zeldzame herfstijloos (Colchicum autumnale), zonder bladeren bij de bloei. De bloemen van dit bolgewas lijken op die van de krokus.

Vlinders[2]

De citroenvlinder is de enige vlinderoverwinteraar die de vrieskou zonder beschutting trotseert en blijft in planten zoals klimop zitten.
De overige hier overwinterende vlinders als de atalanta, dagpauwoog, gehakkelde aurelia en nachtvlinders, de najaarsspanner, bruine herfstuil, herfstspanner, grote wintervlinder, kleine wintervlinder en gammauil zoeken houtstapels, zolders en schuurtjes op.

In een kale schoon geharkte tuin kan geen vlinder overwinteren. Dode planten en bladeren kun je het best (gedeeltelijk) laten staan respectievelijk liggen. Ook vogels en egels verstoppen zich in dergelijke tuinhoekjes. Je tuin winterklaar maken? Niet doen!

Libellen[3]

Al voor de winter inzet zijn de vrijwel alle volwassen libellen gestorven, op de Bruine winterjuffer na. De overige soorten overwinteren als ei of larve, met uiteenlopende voorkeuren voor een vaste winterplek.
Zo vindt de Geelvlekheidelibel winterrust als ei in drassige oevergedeelten en laat de Steenrode heidelibel haar eitjes dobberen op het wateroppervlak. Eitjes van de Groene glazenmaker zitten beschut in krabbenscheerplanten, de Bruine glazenmaker verstopt haar eieren in een snee in de stengel van een waterplant, gemaakt met haar legboor.
En de eieren van de Houtpantserjuffer zitten onder de bast van takken die over water hangen, waarna in de lente de larven in het water vallen. Larven van de Azuurwaterjuffer overwinteren op drijvende waterplanten.

Libellen en juffers in het zomer halfjaar — foto’s Joke Koppius

Vogeltrek[4]

Spreeuwen — foto Karel Odink

Vanaf begin november luwt de grote herfst trek, al blijven er nog spreeuwen en roeken passeren tot begin december.
Bij helder weer kunnen grote troepen barmsijsjes te zien zijn.

Zodra er vorst komt trekken de nog aanwezige laatste kieviten zuidwestwaarts weg.
Naast de standvogels is ons land nu gevuld met overwinteraars. Kol- en rietganzen vervingen de grauwe ganzen.

Remembrance Day — In Flanders Field — Poppy’s Day

Op de tweede zondag van november herdenken het Verenigd Koninkrijk en de andere landen van het Gemenebest hun gevallenen van de Eerste Wereldoorlog en alle oorlogen en gewapende conflicten sindsdien.

De herdenking is op 11 november, in 1918 het einde van de Eerste Wereldoorlog. De eigenlijke plechtige herdenking vindt plaats op de zondag die het dichts ligt bij die dag.

Nadat de Big Ben in Londen elf slagen heeft laten horen volgt door het hele land een twee minuten stilte; vervolgens worden er overal kransen gelegd. De nationale herdenking vindt plaats bij in Londen de Cenotaph[5] op Whitehall, waarbij kransen van poppy’s (stoffen klaprozen) worden gelegd door Britse royals, de regering, andere politieke partijen, en de landmacht, luchtmacht en marine. Vervolgens volgt een defilé van oorlogsveteranen.

Royal British Legion’s paper poppy[6] en een stoffen remembrance poppy op het revers

Een ieder in de Angelsaksische wereld draagt dan een remembrance poppy, en dikwijls een, twee weken daaromheen. De herdenkingsklaproos, het symbool voor een eerbewijs aan de gevallenen.

De grote klaproos (Papaver rhoeas) verwijst naar het ontroerende gedicht van de Canadese arts, luitenant-kolonel en dichter John Alexander McCrae. (1872-1918). Hij werkte als militair tijdens de Eerste Wereldoorlog, waarbij als chirurg tijdens de Slag om de Ieper.

McCrae’s gedicht In Flanders Field the poppies blow bezingt de onschuldige klaprozen tussen de ontelbare grafstenen in de velden van Vlaanderen. Elk jaar weer kwamen de klaprozen tevoorschijn op het slagveld, waar het geweld van de kanonnen de grond omwoelde en totaal verwoestte. Het was na 1918 de enige plant die daar nog kon groeien. De soldaten associeerden al snel het bloed van de gesneuvelden met de kleur van de klaproos.

Sint-Maarten

Sint-Maarten (Martinus van Tours) snijdt zijn mantel doormidden voor een bedelaar — Anthony van Dyck[7]

De 11e van November is de naamdag van Martinus van Tours, Sint-Maarten (Sint Marten, Sinter Merte of Sinte-Mette). Sint-Maarten werd bekend doordat hij bij Amiens als Romeins officier zijn mantel met zijn zwaard doormidden sneed en de helft gaf aan een arme bedelaar, en na een droom koos om verder te leven als een christen. Zijn feest wordt gevierd met onder meer lichtjesoptochten en ook vreugdevuren.

De Schotse antropoloog James Frazer zag de oorsprong anders. Ons 11 novemberfeest met licht-optochten zou terug gaan tot een over West-Europa wijdverspreid heidens ronddragen van heilig vuur, een voorchristelijk vruchtbaarheidsritueel en oeroude dankfeesten voor Licht, Warmte, Gewas en Oogst. Bij de kerstening zou de kerk dit populaire heidens ritueel in wat aangepaste vorm hebben overgenomen om de heidense bevolking over te halen toe te treden.

Anderen herkennen niets heidens en stellen dat pas de kerk zelf het lichtfeest op gang bracht. Verwezen wordt naar het Evangelie van Lucas (11:33 e.v.):

Niemand steekt een lamp aan en zet die in de kelder of onder de korenmaat, maar op de standaard, opdat wie binnentreden het licht zien.

Deze tekst werd op 11 november in de mis voorgedragen en besproken. Dit inspireerde de bevolking tot een lichtjesfeest. Nu houden onderzoekers het midden tussen beide standpunten. Sint-Maarten is een bedelfeest, en bedelfeesten waren nodig in de moeilijke wintermaanden.

Bisschop Perpetuus van Tours (461-490) noemde als eerste de Sint-Maartens dag toen hij voorstelde om dan de vastenperiode tot aan Kerstmis te beginnen, een advent van zes weken. De andere Frankische kerken namen dit over tijdens het Synode van Mâcon in 581.Tot paus Gregorius (540–604) advent teruggebracht naar vier weken.

Tot 1999 was Matthias Jansen meer dan 50 jaar op rij Sint-Maarten[11]

Sint-Maarten wordt op uiteenlopende wijze gevierd, deels ook op de avond ervoor, in Nederland, en in delen van België, Duitsland en Noord- Frankrijk, in Hongarije en Portugal.

Na WO I werd 11 november ook de dag om deze oorlog te herdenken. Slechts kort is geprobeerd daarom Sint-Maarten tot een wereldlijk vredesfeest te maken. Vooral in Nederland staat Sint-Maarten echter juist los van enige religieuze of politieke context.
In België vallen Sint-Maarten vieringen nog steeds samen met de herdenkingen van de wapenstilstand in 1918. Soms opgeluisterd met concerten in plaat van de elders gewilde clowneske liedjes.

Bij ons leeft de traditie echter minder in Zuid-Holland en Zeeland, en in delen van Overijssel, Flevoland en Gelderland. Utrecht, waarvan Sint-Maarten de schutspatroon is, promoot hun stad als Sint-Maartenstad.

Sint Nicolaasstad Amsterdam daarentegen vierde het feest eeuwenlang niet meer, tot jaren 1990 het feest weer opdook in de Weteringbuurt en aan de Amsterdamse grachten. Het indertijd meer landelijke Amsterdam-Noord vierde tot na WO II ‘Sinteremaarten’ met een tot lampion uitgesneden suiker- of voederbiet of koolraap. Nu vindt het sint-maartenlopen in vrijwel geheel Amsterdam plaats.

In Nederland was lang Sint-Maarten een feest voor de armen, waar rijke ouders hun kinderen bij weg hielden. Vanaf het begin van de 20e eeuw groeide ook bij hen het besef dat deze mooie traditie in stand moest worden gehouden. In Nederland doen kinderen van alle gezindten er aan mee. Er is nauwelijks aandacht voor de oorspronkelijke religieuze achtergrond.

De talloze Sint-Maarten liedjes zijn humoristisch; er komen altijd weer nieuwe bij, al horen ze bij een lange, orale traditie, met ook bedelliedjes. Sommige liedjes zijn overal bekend, andere liedjes alleen in een paar dorpen.
Het oudst bekende Sint-Maartensliedje luidt:

Stoockt vier, maeckt vier:
Sinte Marten komt hier
Met syne bloote armen
Hij soude hem gheerne warmen

Tradities

Sint-Maarten in de Zaanstreek[8]

Sint-Maarten kan worden gevierd met optochten of vreugdevuren. Lampionoptochten met een uitgeholde koolraap, suikerbiet, pompoen of met een vaak op school samen gemaakte kleurige papieren lampioen, trekken vooral rond in het noorden en Noord-Holland (keuvelen).

Ook gaan kinderen met lichtjes de deuren langs en krijgen snoep of fruit in ruil voor Sint-Maartensliedjes. Vroeger veelal door de foekepot ondersteund. In plaats van waxinelichtjes worden nu ook batterijlampjes gebruikt. In Venlo werd Sint-Maarten soms bijgestaan door een Zwarte Piet.

Sinds vanuit Amerika Halloween (zie oktober) steeds meer overwaait, lopen deze feesten wat doorheen, en concurreren enigszins met elkaar. Sommige Sint-Maarten kinderen gaan nu ook verkleed langs de deuren.

Sint-Maarten op een paard[10]

Ook in België[9] viert het feest met (lampion)optochten, veelal een vreugdevuur, en zingen aan de deur. Sint-Maarten lijkt hier meer op Sinterklaas. Zo rijdt in Burcht en Beveren-Waas tijdens de optocht de Romeinse officier Sint-Maarten te paard mee, elders Sint-Maarten, ook op een schimmel. In de kerk wordt eerst het Sint-Maarten verhaal verteld. Dan trekt een lampionnenoptocht naar een groot vuur, waar de bedelaar uit de legende zich aan kan warmen; de kinderen krijgen een oliebol..

In delen van Duitsland, Oostenrijk en Zuid-Tirol lopen op Martinstag de kinderen zingend mee tijdens de Martinsritt.
Ook hier wordt de optocht geopend door in een rode mantel gehulde legerofficier op een schimmel. Ter afsluiting is er een kampvuur, het Martinsfeuer.

Viering van Sint-Maarten voor het Düsseldorfer Rathaus[12]

In de Duitse Nederrijnregio begeleidt een fanfarekorps de lampionoptocht. Daarna wordt de manteldeling opgevoerd, de nagespeelde Sint-Maarten houdt een korte toespraak.
Dan krijgen de kinderen, soms ook de bejaarden, de Martinstüte — een papieren zak vol snoepgoed, fruit en een suikerbrood. Hier is van te voren geld voor ingezameld.

In delen van Duitsland en Oosterrijk is deze feestdag gans het traditionele gerecht. Het Martini- of Martinsgansessen herinnert aan de legende dat Sint-Maarten te bescheiden was om zich tot bisschop te laten wijden en zich verstopte, tot ganzengesnater hem heeft verraden door hun gesnater.

Een andere legende verhaalt dat een stel ganzen de kerk binnenliep (tijdens de Sint-Maarten mis?) en de preek verstoorde; de ganzen werden gevangen en opgegeten. In Oost Oostenrijk zegent de pastoor op Sint-Maarten dikwijls de nieuwe wijn.

Sint-Maartensfeest waarbij men de nieuwe wijn drinkt — Pieter Bruegel de Oude[13]

In Hongarije vermelden 14e-eeuwse documenten reeds het feest Marton-nap of Tours-i Szent Márton ünnepnapja. Dat was toen ook al de laatste dag waarop uitgebreid gegeten en gedronken mocht worden; de volgende dag begon het advent-vasten.

11e van de 11e

De 11e van de 11e (èlfde van de èlfde) sjleit op d’n daag 11 november es um precies 11 oere 11 in Nederlands Limburg, Noord-Braobant en Wes Duutsjland ‘t carnavalsseizoen begint.

in ‘t Valkebergs

Carnaval is een groot volksfeest op de zondag, maandag en dinsdag direct voor het begin van de vasten, een periode van 40 dagen voor Pasen.
Maar drie dagen feesten is wat weinig voor de doorgewinterde carnavalsvierder. Die pakt graag mogelijkheden aan om weer verkleed de deur uit te gaan. Steeds uitbundiger wordt daarom, althans onder de grote rivieren, op de 11e dag van de elfde maand november, om 11 minuten over elf uur ‘s morgens de opening van het carnavalsseizoen gevierd. De kans aangegrepen om vast in een pekske de straat op te gaan, wat te dollen.
Want is getal elf niet het dwazen- of gekkengetal (beide woorden bestaan uit 11 letters)?

‘n Träötende zaate hermenie[14]

Velen nemen een vrije dag op om op straat en in de kroeg, vaak al helemaal verkleed en geschminkt, op de overal luid klinkende carnavals muziek mee te sjoenkele. (Ritmisch heen en weer te wiegen).

Aan het begin van zijn succescarrière kwam op een geliefd plein in zijn woonplaats Mestreech ook violist André Rieu met (een deel van) zijn orkest een paar uur spelen om het warme carnavalsgevoel van één dag te versterken.

Intocht van Sinterklaas

Op 1e zaterdag na Sint-Maarten arriveert Sinterkaas jaarlijks met zijn stoomboot uit Spanje. Ieder jaar blijft het een groot mysterie hoe hij arriveert op een markante plaats ergens in het land en op dezelfde dag ook op ontelbare plekken elders in het land.

Sinterklaas en zijn schimmel Amerigo[15]

Iedere keer — in detail op de tv te volgen — dreigt er iets heel erg mis te gaan. Het Grote Boek verloren, de Hoofd Piet onvindbaar, of zelfs de hele boot. Het komt altijd weer net goed, en vanaf dan mag de schoen worden gezet. Met een wortel voor schimmel Amerigo, en ook een verlanglijst met wensen voor de feestdag 5 december.
Een nieuw mysterie, altijd gevonden al is er geen schoorsteen meer.

Een nieuwe traditie groeit door het op 6 december steeds meer de Goede Sint officieel uit te gaan wuiven.

(Een uitvoeriger verhaal over de inkomst van de sint staat in Roede’s Nicolaas bijdrage op het Wijsheidweb)

Bijzondere dagen

  • 1 november: Allerheiligen, RK
  • 2 november: Allerzielen, RK
  • 1e woensdag: Dankdag voor Gewas en Arbeid, protestants (NL, sinds 1653)
  • 3 november: Werelddag van de Man (Andrologen Universiteit van Wenen, sinds 2000, gezondheid van de man)
  • 1e zondag: Wintertijd (VS)
  • 9 november: Kristalnacht (1938, D)
  • 9 november: Val van de Berlijnse Muur (1989, D)
  • 9 november: Internationale Dag tegen Fascisme en Antisemitisme
  • 11 november: Remembrance Day (VK en Gemene Best)
  • 11 november: Sint Maarten
  • 11 november: 11e van de 11e (in NL onder de grote rivieren)
  • 1e zaterdag na Sint Maarten: Intocht van Sinterklaas (NL)
  • 17 november: Dag van de Beaujolais Primeur (FR)
  • 20 november: Internationale Dag van de Rechten van het Kind (VN)
  • 4e donderdag: Thanksgiving Day (VS)
  • 4e zaterdag: Herdenking Holodomor (Oekraïne, 1932-1933)
  • 29 november: Internationale Dag van Solidariteit met het Palestijnse Volk (VN, sinds 1947)

Weerspreuken

Da Costa Getijdenboek, november — Simon Benin[16]

Als de bomen voor de tweede keer bloeien, gaat de winter zich met ons tot mei bemoeien.
Als november ‘s morgens broeit, wis dat de storm ‘avonds loeit.
Als het met Allerheiligen sneeuwt, leg dan uw pels gereed.

Allerheiligen

Brengt Allerheiligen de winter aan, dan doet Martinus (11/11) de zomer staan.
Brengt Allerheiligen winterweer, tien dagen duurt dat zeer.
Een Allerheiligen met zonneschijn, geeft in de winter veel pijn.
Geeft Allerheiligen zonneschijn, spoedig zal het winter zijn.
Houden de kraaien voor Allerheiligen school, zorg dan voor hout en kool.

Allerzielen

Allerzielen zonder vuur, spaart geen brandhout uit de schuur.
Allerzielens witte pelder, maakt het voorjaar mild en helder.
Als Allerzielen zacht begint, volgen veel regen en wind.
Met Allerzielen wit gewemel, in het voorjaar blauwe hemel.

Sint Maarten

Als het nevelig is met St. Martijn, dan zal de winter niet koud zijn,
maar heeft de Sint een witte baard, dan blijft ons sneeuw nog ijs gespaard.
Is het donkere lucht op St. Martijn, zo zal het een zachte winter zijn,
maar is dag van St. Martijn helder, de vorst dringt door tot menig kelder.
Is om St. Maarten nog loof aan de bomen, zo moogt ge van een strenge winter dromen.
Na het feest van St. Maarten, krijgt de winter schone kaarten.
Nevels in de St. Maartensnacht, maken de winter kort en zacht.
St. Maarten zet zich met veel dank, bij het haardvuur op de bank.
St. Martinus warmte en regen, brengt het zaad geen grote zegen.
Staat met St. Maarten op ‘t ijs de gans, zo houdt ze Kerstmis in ‘t water een dans.
Wolken op St. Maarten, geven een onbestendige winter aan.

November gedichten

November

Thomas Hood[17]

No sun — no moon!
No morn — no noon —
No dawn — no dusk — no proper time of day —
No sky — no earthly view —
No distance looking blue —
No road — no street — no “t’other side the way” —
No end to any Row —
No indications where the Crescents go —
No top to any steeple —
No recognitions of familiar people —
No courtesies for showing ‘em —
No knowing ‘em! —
No travelling at all — no locomotion,
No inkling of the way — no notion —
“No go” — by land or ocean —
No mail — no post —
No news from any foreign coast —
No Park — no Ring — no afternoon gentility —
No company — no nobility —
No warmth, no cheerfulness, no healthful ease,
No comfortable feel in any member —
No shade, no shine, no butterflies, no bees,
No fruits, no flowers, no leaves, no birds, —
November!

Thomas Hood (1799-1845)

November

J.C. Bloem[18]

Het regent en het is November:
Weer keert het najaar en belaagt
Het hart, dat droef, maar steeds gewender,
Zijn heimelijke pijnen draagt.

En in de kamer, waar gelaten
Het daaglijksch leven wordt verricht,
Schijnt uit de troostelooze straten
Een ongekleurd namiddaglicht.

De jaren gaan zooals zij gingen,
Er is allengs geen onderscheid
Meer tusschen doove erinneringen
En wat geleefd wordt en verbeid.

Verloren zijn de prille wegen
Altijd November, altijd regen,
Altijd dit leege hart, altijd.

J.C. Bloem (1887–1966)

In Flanders Fields

John McCrae[19]

In Flanders fields the poppies blow
Between the crosses, row on row,
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly

Scarce heard amid the guns below.
We are the Dead. Short days ago
We lived, felt dawn, saw sunset glow,
Loved, and were loved, and now we lie
In Flanders fields.

Take up our quarrel with the foe:
To you from failing hands we throw
The torch; be yours to hold it high.
If ye break faith with us who die
We shall not sleep, though poppies grow
In Flanders fields.

John McCrae (1872-1918; 1915)

De kollebloemen van Vlaanderen

Vlaanderens hart bloedt in zijn kollebloemen open,
tussen de kruisjes door, die, rij naast rij geplant,
het simpel teeken zijn, waaronder wij steeds hoopen,
dat onze milde dood de vree werd voor dit land.

Bij rooden dageraad volgden wij in het blauwe
den zoeten leeuwerik, wiens jubel werd gestoord
door schroot en vloek en klacht. Tot men ons kwam houwen
en op dit Vlaamsche veld ons streven werd gesmoord.

Gij, die nu na ons leeft, wij reiken u de toortsen,
verheft ze naar het licht, elk roepe een nieuwen held:
verbreekt gij onze trouw, dan wordt in wreedste koortsen
ons ‘t heilig verbod te slapen in dit veld:
in elke kollebloem zouden wij blijvend bloeden!

Vertaling: Rachel Schaballie (1919)
Klaprozen — foto Joke Koppius

Wichterlaidje bie de rommelpot

Mouder, zet mien kinnekapke op,
t’ Oavend komt mien vrijer;
Komt hai nait, ik hoal hom nait;
Neem hom in mien aarm nait:
Scheepkes van drij weken,
Loat de zaailtjes streken,
Hoalt de zaailtjes in de tòp,
Geeft mie wat veur de rommelpòt!

L. Doornbos (Laandjebloumen p. 48[20])

‘t Zwien

‘n Zwienekoopman ging op stap
Om zwienen op te koopen;
Ien ‘n stukje laand van Iesbrand Laps
Doar zag ‘e gounent loopen.

Hai ging er hēn, bekeek ze ais
En docht: “Dat ben’ gain minnen.”
Dou kuierde hai noar Iesbrand’s ploats
En stapte koamer binnen.

Moar Iesbrand zulf was nait ien hoes,
Dei was noar Drent aan ‘t joagen
En Iesbrand’s vrouw wis nait precies,
Wat zai veur ‘n zwien môs vroagen.

De koopman wòl veur ‘t dikste zwien
Nait meer as zóóveul geven;
Von boer dat goud, den was ‘t moar ‘t best,
As zai ‘t hom even schreven.

En ‘s annerdoags schreef Iesbrand Laps:
“Gij kunt het geld betalen:
“‘k Ben ‘t eens met verkoop van mijn vrouw,
“Kom dus het zwijn maar halen.”

P.J. Werkman (1880- …; Laandjebloumen p. 224[20])
Noten

[1] Bron: Herfsttijloos — foto AnRo0002
[2] Informatie uit Vlinderstichting, kalender 2008 in het kader van 25 jaar Vlinderstichting
[3] Zie: Ssst de libellen slapen… https://www.natuurpunt.be/nieuws/ssst-de-libellen-slapen-20131220 geraadpleegd op 30-11-2022
[4] Uit: Tinbergen, L. (1949). Vogels Onderweg. Amsterdam: Scheltema & Holkema
[5] Cenotaaf, een grafteken opgericht ter nagedachtenis aan overledenen van wie het stoffelijk overschot elders verkeert of onvindbaar is.
[6] Bron: Royal British Legion’s Paper Poppy — foto Philip Stevens
[7] Bron: Sint-Maarten snijdt zijn mantel doormidden voor een bedelaar (circa 1625) — Anthony van Dyck, Sint-Martinuskerk, Zaventem
[8] Bron: Sint Maarten in de Zaanstreek (1959) — foto Wim van Rossem for Anefo
[9] Informatie uit: Sint Maarten feest nl.wikipedia.org/wiki/Sint-Maarten_(feest) Geraadpleegd op 2022-12-03
[10] Bron: Sint-Maarten op een paard (11 november 2016) — foto Pieter Delicaat, Huisberden (D)
[11] Bron: Tot 1999 was Matthias Jansen meer dan 50 jaar op rij de ‘Sint-Maarten’ van Doveren (D), en als 92-jarige nog steeds te paard! — foto Eddi Laumann (11-11-1990)
[12] Bron: Sankt-Martins-Zug vor dem Düsseldorfer Rathaus (1905) — Heinrich Hermanns, www.lempertz.com
[13] Bron: Sint-Maartensfeest waarbij men de nieuwe wijn drinkt (1565-1568) — Pieter Bruegel de Oude, Museo del Prado
[14] Bron: ‘n Träötende zaate hermenie — foto Els Diederen, in Wiek (Mestreech)
[15] Bron: Sinterklaas en zijn schimmel Amerigo — foto R.F. (Roel) Jorna
[16] Bron: Da Costa Getijdenboek, november (circa 1515) — Simon Bening. Op een omsloten boerenerf wordt twee mannen vlas gebraakt met een bookhamer en een vrouw zwingelt het vlas vervolgens met een zwingelmes. Een man in een deuropening slaat met een werktuig, mogelijk een dorsvlegel. Op het erf lopen varkens en een kip. Op het rechterblad staat het sterrenbeeld Boogschutter onderin binnen een lijst: een centaur die een pijl en boog richt. Verder staan twee standbeelden van mannelijke figuren in illusionistische architecturale nissen rechts in het frame. De pagina’s hebben een illusionistisch houten frame. MS M.399, fol. 12v en MS M.399, fol. 13r, The Morgan Library & Museum.
[17] Bron: Thomas Hood (1799-1845) — artiest onbekend, uit The Project Gutenberg EBook of The World’s Best Poetry, Volume 3, by Various
[18] Bron: J.C. Bloem (1887-1966) in zijn studeerkamer (1933?) — fotograaf onbekend, Letterkundig Museum
[19] Bron: John Alexander McCrae (1872–1918), Canadees chirurg en luitenant-kolonel — fotograaf onbekend, uit: In Flanders fields, and other poems (1919), by Lieut.-Col. John McCrae, M.D., with an essay in character, by Sir Andrew Macphail. New York, London: G.P. Putnam’s Sons.
[20] In: Ter Laan, K., G.W. Spitzen en G. Stel (1923, 1e druk) Laandjebloumen, bloemlezing uit de letterkundige voortbrengelen in de Groninger Volkstaal. p. 44. Groningen: Drukkerij-Uitgeverij C. Weis. Met ‘Veuraof door Geert Teis Pzn.’, pseudoniem van G.W. Spitzen (1864-1945). Geraadpleegd op 2022-12-02 dbnl.org/arch/laan005laan01_01/pag/laan005laan01_01.pdf

Avatar foto

was na een studie aan de UvA op Curaçao werkzaam als marien bioloog, en als humaan bioloog bij het Instituut voor Antropobiologie, Medische Faculteit Utrecht en vervolgens bij de Vakgroep Gezondheidsethiek en Wijsbegeerte, Universiteit Maastricht.

Schrijf een reactie