Oda na Hooiberg

0

Fred de Haas, teksten, vertaling / bewerking

Bron: Antilliaans Dagblad, zaterdag 27 juni 2020

Richard de Veer

Richard de Veer[1]

Wanneer de jaren gaan tellen en men de plaatsen uit zijn jeugd bezoekt, wordt men soms gegrepen door een existentieel gevoel van diepe ontroering dat alle afgelopen jaren lijkt te omvatten. Wat voor mij op zo’n moment de Domtoren van Utrecht betekende, was de Hooiberg voor de Arubaan Richard de Veer.
Zijn Hooiberg was een rots in de branding en de ultieme metafoor voor het thuiskomen.

Richard de Veer (1929-2014) stond altijd voor zijn moedertaal op de bres. Hij belde mij ooit op toen ik bezig was aan de samenstelling van een bloemlezing met gedichten en verhalen over het zoeken naar een eigen identiteit (‘Ta ken mi ta / Wie ik ben, In de Knipscheer, Haarlem, 2011) en deelde me onomwonden mee dat hij zijn ‘Oda na Hooiberg’ in het Papiaments had geschreven en geen fiducie had in een Nederlandse vertaling.
In goed overleg hebben we toen besloten dat ik mijn best zou doen en ervoor zou zorgen dat de kwaliteit van zijn vorm en inspiratie niet verloren zou gaan in het Nederlands.

Oda na Hooiberg

Sinta den stupi di mi wela
Cara fha pariba
Mi ta weita y gosa ful
Con mahestuoso bo ta.

O, wardado di Playa!
Unda cu mi bay
Bo ta mane mi sombra
Cu no ta laga mi so.

Ora mi ta core auto
Bo ta mi Stre’I Nort
Pa indica mi sin faya
Na unda asina mi ta.

Den tempo di awacero
Bo ta gusta laba cabes
Mane ta fiesta bo ta bay
Perfuma pa hole dushi.

Despues flor di kibrahacha
Ta tapa bo dj’ariba te abou
Un bata mane di oro
Ni si ta rei di Congo bo ta.

O, mi guia di tur dia
Con mi por lubida bo nunca!
Ta bo ta mi compañe 
Mainta, merdia, atardi.

Awor, cada mi yega dj’afo
Bo ta di prome pa cuminda mi.
Mi curason ta mane habri
Mirando alomenos un cos conocí

Richard de Veer

Lofdicht op de Hooiberg

Ik zit voor het huis van mijn oma,
kijk naar rechts,
geniet met volle teugen
van je vorstelijke aanblik.

O, hoeder van Oranjestad,
waar ik ook heenga
volg je als mijn schaduw
die mij nooit alleen laat.

Als ik in mijn auto rijd
ben je mijn Poolster
die steeds aangeeft
waar ik zo’n beetje ben.

En in de regentijd
vind je het fijn je haar onder die douche te wassen,
alsof je naar een feest toe gaat,
gehuld in fijne, zoete geuren.

Dan dekt de kibrahacha
je van top tot teen weer toe
als met een gouden ochtendkleed,
als ware je een Bantoekoning.

O, dagelijkse gids van mij,
hoe zou ik je vergeten?
Jij, trouwe metgezel
van ‘s morgens vroeg tot late avond!

En altijd als ik uit den vreemde kom
ben jij de eerste die me groet;
mijn hart springt als het ware óp
als ik je flanken zie en je vertrouwde top.

Vertaling/ bewerking FdH
de Hooiberg[1]
Noten

[1] Bron: Richard de Veer
[2] Bron: de Hooiberg

studeerde cum laude af in de Franse, Spaanse en Portugese taal- en letterkunde. Vanaf het begin combineerde hij zijn functies met werkzaamheden als literair vertaler. Fred de Haas vertaalde onder meer uit het Papiaments, het Frans, het Spaans en het Russisch. Hij is leider, zanger en gitarist bij het Latijns-Amerikaans ensemble Alma Latina.