Brief aan mijn lieve en bijzondere vader,

0

Kathy Anita de Vries-de Graaf

Wijsheidsweb, 12 december 2019

(gestorven in 2008), die in WOII tijdens de Japanse bezetting o.a. het kamp Pakan Baroe op Sumatra overleefde, waar onder het juk  van de Japanners een spoorweg werd aangelegd tussen Pakan Baroe en Moeara, waarbij meer dan tachtig procent van de romusha’s (door de Japanners geronselde Indonesische, meest Javaanse arbeiders) omkwamen. Door de oorlog werd de nog maar pas ontwaakte liefde tussen mijn ouders wreed onderbroken …

Het is bijna jouw verjaardag en op deze stille zondag, waarin mijn huisje omringd is door een laagje sneeuw, wil ik zo graag iets met je delen. Ik lees nu het boekje van Viktor E. Frankl over de zin van het bestaan.[1] Deze man beschrijft zijn aangrijpende ervaringen in het concentratiekamp, waarbij hij iedereen verloor die hij lief had. Vervolgens introduceert hij zijn logotherapie. Zoals op de achterkant van zijn boek staat beschreven, een uiterst humane vorm van psychiatrie, die is gebaseerd op het streven van de mens om een hogere, definitieve betekenis aan het leven te geven. Hoe ziet hij dit? Hoe geeft hij hier inhoud aan? Laten we Viktor Frankl even zelf aan het woord laten.
Hij schrijft het volgende:

“Hoewel zekere omstandigheden, zoals gebrek aan slaap, onvoldoende voedsel en diverse mentale spanningen, de indruk mogen wekken dat de gevangene wel op bepaalde manieren moest reageren, wordt toch duidelijk dat uiteindelijk de innerlijke besluitvorming van de gevangene zelf en niet uitsluitend de invloed van het kamp, de persoonlijkheid van de psyche bepaalt. Au fond, gaat hij verder, kan dus iedereen, zelfs onder deze omstandigheden, beslissen wat er – mentaal en spiritueel – van hem zal worden. Zelfs in een concentratiekamp kan de mens zijn menselijke waardigheid behouden.”

Dostojewski heeft eens gezegd:

“Ik vrees slechts een ding: mijn lijden niet waardig te zijn.
De allerlaatste innerlijke vrijheid kan de mens niet worden ontnomen.”

Hoe beleef jij deze woorden? Zou je mij daar een antwoord op kunnen en willen geven?

In de stilte van de witte zachtheid die mijn huisje omringt, tracht ik te luisteren naar datgene wat jij daarop te zeggen hebt. In je brief van 28 september 1945 schreef je aan mamma:

Hoe vaak heb ik aan je gedacht en mij voorgesteld dat je aan mijn zijde stond en mij ook steunde bij alles wat ik moest doormaken.

Een soortgelijke beleving vind ik terug bij Viktor Frankl, waar hij schrijft:

“De bevroren grond kraakte en bij iedere houweelslag vlogen de vonken in het rond. De beeltenis van mijn vrouw stond mij nog steeds voor ogen. Plotseling schoot de gedachte mij door het hoofd dat ik zelfs niet wist of zij nog in leven was. Ik wist slechts een ding heel zeker; liefde reikt veel verder dan de lichamelijke aanwezigheid van de geliefde persoon, liefde reikt verder dan het lichamelijke, zij reikt naar het geestelijke, naar de mentale persoonlijkheid van de geliefde. Of de geliefde persoon aanwezig is, of hij of zij in leven is of niet, schijnt niet langer van belang te zijn.”

Terwijl Frankl op dat moment absoluut niet weet of zijn vrouw nog leeft, schrijft hij:

“Niets vermocht de kracht van mijn liefde, mijn gedachten en het beeld van mijn geliefde in mijn hart aan te tasten. Integendeel, als ik toen geweten had dat mijn vrouw dood was, zou ik mij waarschijnlijk, ongestoord door die wetenschap, op precies dezelfde wijze hebben overgegeven aan mijn herinneringen en zou mijn geestelijke conversatie met haar even levendig, even bevredigend zijn geweest.”

Terug naar mijn vader, die niet weet of mijn moeder nog wel dezelfde gevoelens voor hem koestert of dat zij misschien een geheel andere richting is ingeslagen na zovele, ook voor haar, eenzame en onzekere oorlogsjaren.

Uit een brief van mijn vader:

Ik hoop dat jij ook deze gevoelens zult hebben. Ik moet, hoe ongaarne ik dit ook doe, er echter rekening mee houden dat daar verandering in zou kunnen zijn gekomen.

Maar dan, een heel belangrijke conclusie, die evenals de innerlijke beleving van Frankl getuigt van een hogere orde in buitengewone omstandigheden.

Mocht dit zo zijn, bedenk dan, dat bij mij jouw geluk op de voorgrond staat, dat als ik weet, dat jij gelukkig bent, ik nog kan berusten in een andere levensbeschikking als die ik mij gedacht had gedurende de afgelopen tijd.

Voorzichtig en behoedzaam laat ik het tere papier van deze brief door mijn vingers glijden.
Het is mij duidelijk, dit is wat Dostojewsky heeft bedoeld.

[1] Frankl, V.E. (2011) De zin van het bestaan. Een inleiding tot de logotherapie. Rotterdam: Donker B.V., Uitgeversmaatschappij Ad.

Ik studeerde vijf jaar hoofdvak piano op de conservatoria in Den Haag en Utrecht. Daarna volgde ik enige lessen bij Louis Kentner in Londen. Mijn tweede man Marco de Vries (o.a. oprichter van het Helen Dowling Instituut) bracht mij in aanraking met de nu 96-jarige pianiste Elly Salomé. Haar lessen die ik nog wekelijks volg zijn vanwege haar enorme kennis en betrokkenheid een inspirerende en verrijkende (zowel ei als ij) ervaring.

Schrijf een reactie