Wegen van vrijheid 3

0

De oorzaken van de vrijheid

Erik Hoogcarspel

Wijsheidsweb, 24 maart 2020

Deel 1, deel 2, deel 3, deel 4

Sam Harris betoogt in zijn boekje ‘Free Will’ dat onze vrije wil een illusie is, omdat onze gedachten worden veroorzaakt door hersenprocessen die hun eigen gang gaan. Dat we denken dat we een vrije wil hebben, komt omdat we van deze processen totaal geen benul hebben. Dankzij de wetenschap weten we nu wel beter. Als we niet zulke slimme instrumenten hadden uitgevonden en daarmee zulke slimme experimenten en metingen hadden verricht, hadden we nog steeds geloofd in een ziel of een geest. Gelukkig zijn we van deze illusie verlost: net als een regenboog niets anders is dan de verstrooiing van zonlicht door waterdruppels, zijn gedachten niets anders dan chemische reacties in de hersencellen. Althans dat denken we nu.

Nāgārjuna[1]

Bovenstaande klinkt erg overtuigend, totdat je de laatste zin leest. Het lijkt namelijk niet erg logisch dat een chemische reactie in de hersenen zichzelf begrijpt als een chemische reactie in de hersenen. Een chemische reactie in een glas water zoals het oplossen van een aspirientje, begrijpt zichzelf niet als een chemische reactie in een glas water. Het antwoord van hersenwetenschappers is natuurlijk dat de hersenen juist zo bijzonder zijn omdat ze wel een dergelijk effect kunnen veroorzaken. Sommigen denken zelfs dat dit alleen maar komt omdat de hersenen zo ingewikkeld zijn. Als we een computer zouden maken die net zo ingewikkeld is, dan zal die ook beseffen dat hij een computer is. Een probleem is dan wel dat geen mens kan uitleggen hoe dat gaat, hoe lang experts er al over hebben nagedacht. Ze noemen dat ‘the hard problem’, het moeilijke probleem, en de eerste de beste die er ook maar iets verstandigs over kan zeggen, maakt een grote kans op een Nobelprijs.

Oorzaak en gevolg

Wat bedoelen we eigenlijk als we zeggen dat hersenprocessen gedachten veroorzaken? Wat is dit nu eigenlijk: iets veroorzaken? Ik laat hier een paar deskundigen aan het woord. Hieronder staat slechts een deel van hun kritiek en om het niet al te ingewikkeld te maken heb ik het een beetje samengevat.

‘Een oorzaak van iets is onzin, of deze nu bestaat of niet. Iets dat bestaat heeft geen oorzaak nodig, iets dat niet bestaat ook niet.

Nāgārjuna (2e eeuw)[2]

‘Als er geen oorzaken zouden zijn, dan zou alles uit alles kunnen ontstaan. Je kunt de oorzaak echter niet kennen zonder te weten wat het gevolg is, maar het gevolg kennen we pas als we weten wat de oorzaak is. Oorzakelijkheid is dus een cirkelredenering. Bovendien moeten oorzaken en gevolgen samen bestaan, anders kunnen ze geen relatie met elkaar hebben, hoe kan de een dan door de ander teweeg worden gebracht?

Sextus Empiricus (2e eeuw)[3]

‘Als we denken dat iets een bepaald gevolg heeft, dan baseren we ons op ervaringen uit het verleden. Er is echter geen enkele garantie dat deze ervaringen zich zullen herhalen. Het gevolg kan deze keer heel anders zijn. Ons geloof in oorzaak en gevolg is dus niet gebaseerd op waarneming of logica, maar alleen op het geloof dat het verleden zich tot in het oneindige zal herhalen.

David Hume (1711-1776)[4]

Vooral de analyses van David Hume hebben een grote invloed gehad. Hume ging ervan uit dat alle kennis uit de waarneming stamt. Wat we niet kunnen waarnemen is er niet en het is daarom een verzinsel. Het verband tussen oorzaak en gevolg kunnen we niet waarnemen, daarom kan het niet anders of we hebben het zelf verzonnen.

Niet iedereen zal het hiermee eens zijn. Is het niet zo dat we dagelijks het verband tussen oorzaak en gevolg ervaren? Strikt genomen is dat volgens Hume niet waar.
Als u de kraan open draait, komt er water uit. Dat er water uit komt, is het gevolg van het open draaien van de kraan. We zien en voelen duidelijk het water, maar strikt genomen niet het verband tussen het draaien aan de kraan en het stromen van water, tussen oorzaak en gevolg. Als we voelen en zien dat we de kraan open draaien, verwachten we tegelijkertijd dat we water uit de kraan zullen zien stromen, en jawel, even later zien we het water. Mocht dat niet het geval zijn, dan komt plan B in werking: we zoeken net zolang tot we daar een oorzaak voor hebben gevonden.
Hume wijst er dus op dat we alleen het een na het ander waarnemen, maar niet dat het een door het ander teweeg wordt gebracht en daar zit het probleem.

Leven in een interpretatie

Immanuel Kant[5]

Immanuel Kant (1724-1804) realiseerde zich dat Hume gelijk had: oorzakelijkheid wordt niet waargenomen. Toch kun je niet ontkennen dat oorzaken zowel in het dagelijkse leven als in de wetenschap erg belangrijk zijn. Hoe kan dat?
Kant’s antwoord is: omdat we de dingen niet waarnemen zoals ze zijn, maar omdat de dingen zijn zoals we ze waarnemen.

Oorzaak en gevolg maken met andere woorden deel uit van onze interpretatie van de werkelijkheid, niet van de werkelijkheid zelf. De werkelijkheid zelf, die Kant het ‘c’ noemde, kunnen we niet kennen, omdat we vanaf onze geboorte al afhankelijk zijn van onze gebrekkige zintuigen en een verstand dat de indrukken ervan aan elkaar moet passen om er chocola van te maken. We kennen de echte werkelijkheid net zo goed als het oppervlakte van de zon: we maken ons er een voorstelling van aan de hand van een paar beelden en dat is alles. Kant wijst erop dat we er vaak duidelijk naast zitten, we stellen ons God voor als een oude man met een baard en engelen als figuren met zwanenvleugels. God is de enige die wel weet hoe het zit.
In dit opzicht lijkt de kenleer van Kant erg op die van het boeddhistische Yogacāra, met dit verschil dat daar niet God, maar een boeddha de echte werkelijkheid kent.

We delen de wereld dus in oorzaken en gevolgen in, dat hoort bij de cultuur. Aan een ding zelf is niet te zien of het een oorzaak is of een gevolg. Meestal is iets aan de ene kant een gevolg van iets en aan de andere kant een oorzaak van iets anders.
In het dagelijkse leven is die indeling wat slordig, zo denken sommigen dat onder een ladder doorlopen een oorzaak kan zijn voor tegenspoed en dat tocht een oorzaak is van griep. De wetenschap maakt de indeling wat grondiger en heeft daardoor de griepinjectie uitgevonden.

Zoek de vrijheid

Hoe zit het nu met onze vrijheid? Zonder vrijheid geen verantwoordelijkheid. Als vrijheid een illusie is, dan is er niemand die iets doet, dan is er geen karma (zelfs niet in boeddhistische zin) en dan is alles toegestaan.
We hebben gezien dat we ons vrijheid niet kunnen voorstellen, want in onze voorstelling van de werkelijkheid wordt alles door oorzaak en gevolg bepaald. Dat we ons onze vrijheid niet (wetenschappelijk) kunnen voorstellen, betekent echter nog niet dat die er niet is. Het bestaan van ethiek bewijst dat deze vrijheid wel degelijk bestaat, maar blijkbaar buiten onze voorstellingen om. Vrijheid is verantwoordelijkheid en daarom onmisbaar voor elke vorm van ethiek, voor normen en waarden. Het maakt dat we iets belangrijk kunnen vinden en ernaar kunnen streven. We verheffen ons dan even boven de werkelijkheid, boven wat er direct aan de hand is en we kijken naar onze principes en ons geweten. Het kan bijvoorbeeld erg voordelig zijn voor iemand om in een bepaalde situatie te liegen, maar diezelfde persoon zal ook moeten toegeven dat liegen in het algemeen niet goed is.

Voor Kant betekent ethiek dat je niet toegeeft aan de verleiding van de situatie, maar je houdt aan je principes. Daarmee stijg je boven jezelf uit.

De vijf leefregels[6]

Dit is vergelijkbaar met de boeddhistische ethiek, die een middel is om je te bevrijden van gehechtheid aan je voorstelling van de werkelijkheid. De vijf leefregels (pañcasīla) worden vaak beschreven als een soort praktisch hulpmiddel om geen problemen te krijgen of te veroorzaken, maar wie ze combineert met meditatie, merkt dat het er in wezen om gaat los te komen van de behoefte ze te overtreden.
Waarom zou je bijvoorbeeld liegen? Omdat je er voordeel van hebt, of uit begeerte, of uit angst, of uit zelfbescherming? Hoe minder je jezelf belangrijk vindt, hoe minder je het gevoel hebt dat er iets is dat beschermd moet worden of voordeel verdient. Met andere woorden op deze manier realiseer je je de kenmerken van het bestaan: onbevredigend (dukkha), vluchtig (anicca) en zonder zelf (anattā).

Kant is het dus in elk geval in één ding met de boeddha eens: de echte vrijheid wordt gevonden in dat wat geen oorzaken heeft, geen duur, geen ontstaan of vergaan.

  • Berlin, I. (1969) Four Essays On Liberty. Oxford: Oxford U.P., p. 118-172.
  • Empiricus, Sextus (R. Ferwerda, vert.) (1996) Grondslagen van het scepticisme. Amsterdam: Ambo.
  • Harris, S. (2012) Free Will. New York: Free Press.
  • Harris, S. (2014) Waking up, a guide to spirituality without religion. New York: Simon & Schuster.
  • Hoogcarspel, E. (2002) Grondregels van de filosofie van het midden. Amsterdam: Olive Press.
  • Hume, D. (J. Kuin, vert.) (1978) Het menselijk inzicht. Een onderzoek naar het denken van de mens. Amsterdam: Boom.
  • Husserl, E. (1977) Die Krisis der europäische Wissenschaften und die transzendentale Phänomenologie. Hamburg: Felix Meiner Verlag.
  • Nancy, J.-L. (1988) L’expérience de la Liberté. Paris: Galilée.
  • Popper, K. (1994) The poverty of historicism. London: Routledge.
  • Sartre, J.-P. (1938) La nausée. Paris: Gallimard.
  • Sartre, J.-P. (1943) L’Être et le Néant. Paris: Gallimard.
  • Sartre, J.-P. (1946) L’Existentialisme est un humanisme. Paris: Nagel.
  • Spinoza, (Nico van Suchtelen ) (1979) Ethica. Amsterdam: Wereldbibliotheek.
  • Trungpa, C. (1976) The Myth of Freedom. Berkeley: Shambala.
Noten

[1] Bron: Statue of Nāgārjuna  in Tibetan monastery near Kullu, India
[2] Madhymakakārikāh 1.7
[3] Grondslagen van het Scepticisme, Hoofdlijnen van het Pyrrhonisme III.V (17-28)
[4] Het menselijk inzicht, p. 67-75
[5] Bron: Immanuel Kant
[6] Bron: De vijf leefregels

studeerde hedendaagse continentale filosofie in Groningen, richtte een boeddhistisch meditatiecentrum op en studeerde Aziatische filosofieën en religies. Hij doceerde hindoeïsme aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Tijdens zijn werk als docent en leraar schreef hij studieboeken voor zijn studenten en columns. Hij praktiseert meditatie en taiji quan.