Identiteit en (moeder)taal 3

0

‘Fikkie’ in de Caraïben

Fred de Haas

deel 1deel 2deel 3 – deel 4

Het jaar 2011 werd door de Verenigde Naties uitgeroepen tot ‘Internationaal jaar voor mensen van Afrikaanse afkomst’, de Afrikaanse diaspora.
In samenwerking met Unesco werd o.a. op Curaçao binnen deze context dan ook een serie activiteiten ontplooid.

Fred de Haas heeft zich in dit verband gebogen over de controversiële manier waarop Afro-Antilliaanse kinderen in de laatste eeuw onderwijs hebben gekregen.
Hij gaat o.a. in op de moeizame keuze van een onderwijstaal voor de Curaçaose scholen, de taak van regering en schoolbesturen, de situatie van minderheidstalen, de onderwijskundige adviezen van UNESCO in 1951 en 2003, trekt parallellen met o.a. de situatie op de Frans-Caribische eilanden en geeft zijn mening over de volgens hem voor Curaçao op de lange termijn meest geschikte taalkeuze voor het onderwijs en het eiland.

Fraters en leerlingen; Fikkie = Does = Kachó = Hond; Willem van Oranje; een Hollandse hufter; ‘monsterlijke mengsels’ (Papiaments, Krèyol, Kaapverdiaans); de taalvisie van UNESCO; pleidooi voor het Engels als taal van instructie.

Onderwijskundige adviezen van UNESCO

Volgens de Unesco is het niet de taak van een schoolbestuur, maar het privilege en de taak van een regering om te bepalen welke taal de taal van instructie is in het openbaar onderwijs. Als de moedertaal – in dit geval het Papiaments – taal van instructie is dan zijn de volgende overwegingen van belang:

Kolegio Erasmo
  • Het is de taak van een regering ervoor zorg te dragen dat docenten kunnen beschikken over adequaat lesmateriaal in het Papiaments. Je kunt geen hervormingen introduceren en tegen leerkrachten zeggen ‘Kijk maar hoe je die hervormingen doorvoert op je school’.
  • Het Kolegio Erasmo is indertijd het bekende slachtoffer geworden van het gebrek aan visie van de toen verantwoordelijke politici en van de verregaande veronachtzaming van deze taak door de regering.
  • Docenten kunnen en mogen niet extra worden belast met het ontwikkelen van teveel ontbrekend lesmateriaal. Dat is specialistisch werk. Leerkrachten kunnen die extra druk niet aan. NB Het was onverantwoord om een Papiamentstalige school als Kolegio Sarto in Soto maar te laten aanmodderen.
    Het schoolhoofd hoopte het gebrek aan Papiamentstalige schoolboeken met de acht andere Papiamentstalige scholen op te kunnen lossen[1].
  • Het is de taak van de regering om er zorg voor te dragen dat er zeer goede opleidingen zijn voor het lesgeven in en over de moedertaal. Opleidingen moeten worden afgesloten met een volwaardig examen. De focus moet gericht zijn op analytisch en synthetisch denken in de moedertaal.
  • Leerkrachten hebben het recht en de plicht om zich te laten bijscholen en nascholen.

Onderwijsprincipes van UNESCO

Education in the Caribbean
  1. Unesco is voorstander van instructie in de moedertaal als een middel om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren door voort te bouwen op de kennis en ervaring van leerlingen en leerkrachten.
  2. Unesco is voorstander van tweetalig en/of meertalig onderwijs op alle niveaus als middel om sociale gelijkheid (voor mannen en vrouwen) te promoten en als een van de voornaamste elementen van samenlevingen waar meerdere talen worden gesproken.
  3. Unesco is voorstander van taal als wezenlijk onderdeel van interculturele opvoeding om begrip aan te moedigen tussen verschillende bevolkingsgroepen en om respect te waarborgen voor fundamentele rechten.
Grote avonturen beginnen klein

Onder het eerste principe voegt Unesco er nog aan toe dat onderwijs in de moedertaal zo lang mogelijk op de scholen moet worden voortgezet. Als er binnen een gemeenschap meerdere talen worden gesproken dan moet er naar worden gestreefd om die groepen onderwijs te geven in hun moedertaal en te helpen met het leren van de officiële taal van instructie. Ook dient er te worden gezorgd voor een goede productie en distributie van lesmateriaal. NB dat was op Curaçao dus absoluut niet het geval! FdH. Leerkrachten moeten een degelijke opleiding hebben genoten, in staat zijn om in hun moedertaal les te geven en op de hoogte zijn van de leefcultuur van hun volk. NB van de eerste twee vereisten was geen sprake! FdH.

Ik kan me in het licht van bovenstaande ook niet voorstellen dat het Nederlands zomaar verdwijnt. Er zullen ongetwijfeld door de Curaçaose regering adequate voorzieningen worden getroffen om het Nederlands sprekende deel van de bevolking van onderwijs in de moedertaal te voorzien. Voor zolang dat nodig is. Men zou zich ook kunnen voorstellen dat het onderwijs op een gegeven ogenblik in het Engels wordt gegeven.

Unesco is er ook voorstander van (principe 2) dat men al gauw begint met het – in oplopende intensiteit – aanleren van een tweede en derde taal zonder dat de moedertaal hierdoor in het nauw komt. Als men de tweede taal tot taal van instructie wil maken, dan kan dat pas als de leerlingen met deze tweede taal voldoende vertrouwd zijn.
Dat het Caribisch gebied wordt gezien als een belangrijke bron van het verwerven en uitwisselen van kennis is zonder meer voor de hand liggend.

Ik zou me, bijvoorbeeld, heel goed kunnen voorstellen dat er leerkrachten uit Jamaica, Colombia, Puerto Rico of andere Engels- en Spaanstalige landen worden geworven die op Curaçao lesgeven in hun moedertaal (Engels, Spaans). Deze docenten zouden dan vanzelfsprekend de juiste bevoegdheid moeten hebben, in staat zijn over de grenzen van hun eigen (moeder) taalgebied heen te kijken, een Curaçaose inburgeringscursus moeten volgen en bereid zijn om Papiaments te leren.

Lista di palabra

Unesco legt er nog eens de nadruk op (principe 3) dat het leerplan erin moet voorzien dat de cultuur, de geschiedenis, de taal en de identiteit van minderheden de nodige aandacht krijgen. Natuurlijk binnen realistische en praktische grenzen.

Taalkeuze

Het ligt in de rede dat de regering van het land – niet een schoolbestuur! – vaststelt welke talen er op school verplicht worden onderwezen. Natuurlijk heeft de regering in dat geval ook de verantwoordelijkheid voor het (laten) produceren van voldoende lesmateriaal en het (laten) opleiden van bevoegde leerkrachten.
Het taalinstituut Fundashon pa Planifikashon di Idioma (Stichting voor Taalplanning) is al enkele jaren bezig met het succesvol uitbrengen van lesboeken voor en in de moedertaal.

Er bestaat helaas twijfel over de kwaliteit van de leerkrachten. Enkele jaren geleden beheerste een derde deel van de leerkrachten nog onvoldoende hun moedertaal om er goed les in te kunnen geven.

De keuze voor Papiaments als taal van instructie is alleszins juist, omdat het hier de taal van de overgrote meerderheid betreft en de meerwaarde van het gebruik van Papiaments voor het sociale en spirituele welzijn van de kinderen overduidelijk is.

‘De kinderen begrijpen nu eindelijk wat ze lezen’, zegt een Curaçaose schooljuffrouw. En: ‘De kinderen die ik vroeger in het Nederlands les gaf waren bang om te praten. Als ik vroeger een vraag stelde aan de klas, bleef iedereen stil, maar deze leerlingen willen altijd de beurt’.1

Joceline Clemencia (1952-2011)

De opmerking van Joceline Clemencia in haar monografie uit 1999 is in dit verband dan ook veelzeggend:

‘Our Netherlands Antilles University students are not able to communicate in Dutch. If they do not speak in Papiamentu, they will not say anything, they are very negative about the future and they do not read the newspapers’.[2]

Noten

[1] NRC, 11 augustus 2008, artikel ‘Curaçao schakelt terug op het Nederlands’ https://www.nrc.nl/nieuws/2008/07/08/curacao-schakelt-terug-op-het-nederlands-11569717-a343935
[2] https://www.academia.edu/3232186/EDUCATION_FOR_ALL_IN_THE_CARIBBEAN_ASSESSMENT_2000_MONOGRAPH_SERIES_11

studeerde cum laude af in de Franse, Spaanse en Portugese taal- en letterkunde. Vanaf het begin combineerde hij zijn functies met werkzaamheden als literair vertaler. Fred de Haas vertaalde onder meer uit het Papiaments, het Frans, het Spaans en het Russisch. Hij is leider, zanger en gitarist bij het Latijns-Amerikaans ensemble Alma Latina.

Schrijf een reactie