Ik

0

Henny Sol

16-7-2023; Uit: Yoga Vizier, www.yoganederland.nl 2024-3

Chögyam Trungpa, de oprichter van de Shambhala organisatie, stelt dat wij verwarde wezens zijn. De kern van die verwarring is de idee dat ons Ik iets stabiels, iets blijvends is. Het is heel lastig om je uit die verwarring los te maken; toch kunnen we slechts door dat te doen ons al verlicht zijn ontdekken.

Volgens de Tibetaanse overlevering is Shambala een mythisch koninkrijk dat zich ergens in het Himalaya gebergte bevindt. Het zou een plek zijn van vrede, spirituele verlichting en wijsheid. Shambhala is ook nauw verbonden met meditatiepraktijken en leringen in het Tibetaans boeddhisme; Shambhala symboliseert dan het pad naar verlichting.

De illusie van het Ik

De illusie van het stabiele Ik is een of misschien wel hét obstakel op dat pad. Trungpa noemt drie hardnekkige neigingen die die illusie in stand helpen houden. Ten eerste is er het najagen van gemak, zekerheid en genot. We willen het aangename en niet het onaangename; wij hebben voorkeur. Ten tweede gebruiken we taal en denken om onze wereld in kaart te brengen. We kennen eigenschappen toe, labelen de dingen als goed of slecht, mooi of lelijk, aangenaam of onaangenaam en zijn geneigd onze beschrijving gelijk te stellen met wat of wie we beschrijven. Tot slot proberen we ook bewust te blijven van onszelf, van ons Ik. Wat vind ik? Wat wil ik? Wat doe ik? Met dat soort vragen bestendigen, verzwaren we ons Ik.

Trungpa schetst ook hoe het Ik stap voor stap ontstaat. Het begin is de open ruimte, zonder enige onderscheiding. Daar is dans, beweging en er kan je niets gebeuren want er zijn nog geen dingen waarover je kunt struikelen, en nog geen Ik dat kan struikelen. Maar ineens besef je dat jij danst, beweegt in de ruimte. Dat onderscheid maakt de ruimte minder vloeibaar. Vervolgens laat je de ruimte verder stollen tot niet alleen jij er bent maar ook de dingen. Het is een omgekeerde satori; op het pad naar verlichting keer je — bij wijze van spreken — terug naar die open ruimte.

Meditatie om je bewust te worden van het innerlijk gebabbel, de afleidende gevoelens, de gedachtestroom. Als het geworstel even stilvalt kun je soms bemerken dat onder al die wervelingen iets kalms, iets helders is.

Het is niet nodig ons vrij te vechten; het ontbreken van strijd is zelf al vrijheid.

(Trungpa, 1973, p. 15)

Het Ik stelt doelen, wil bijzonder zijn, bewonderd worden, iets bereiken, hoopt iets te krijgen of iets opnieuw te beleven. Niets daarvan is geworteld in de werkelijkheid van hier-en-nu. Als je liever wil zien wat er nog niet is dan wat er nu is mis je dat-wat-is; dan ben je te druk met hiervoor en hierna, met toen en straks.

Dat-wat-is

Afbeelding in het Publieke Domein ontleend aan https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Khenpo_gangshar2.jpg op 26 jan 2026
Rechts: Chögyam Trungpa[1]

De oplossing is je met alles wat je in je hebt open te stellen voor dat-wat-is. Zonder voorkeur je te vereenzelvigen, volledig betrokken te zijn. Dan is er geen Ik, dan is er geen wereld, dan is er ervaring. Het is de toestand van een schouwspel zonder een toeschouwer.

Open stellen? Hoe moet dat precies? De eerste belemmering is dat vragen naar hoe; vraag niet hoe maar doe het gewoon. Napraten wat iemand anders zegt of de dingen net zo proberen te doen als je guru het doet werkt niet, want we zijn allemaal anders. Het pad naar verlichting is een eenzaam, persoonlijk pad.

Je moet jezelf toestaan vertrouwen te hebben in jezelf, vertrouwen in je eigen inzicht.

(Trungpa, 1973, p. 23)

Het Ik opgeven is moeilijk; want wat ben je dan nog? Feitelijk ben je nog precies dezelfde; je hebt slechts het beeld van jezelf losgelaten, de eigenschappen waarmee je jezelf bekleedt. Net zoals de kaart niet het land is, is het beeld niet jezelf en is dat ook nooit geweest. Het Ik opgeven verandert niets aan de werkelijkheid, het verlost je slechts van een illusie.

In het algemeen is het een soort ruimtevrees, de angst dat we geen vaste grond meer onder de voeten zouden hebben, dat we onze identiteit zouden verliezen als iets vasts, massiefs en zekers.

(Trungpa, 1973, p. 25)

We zijn gehecht aan onze zekerheden, gewoontes, aan wetenschap, religie, autoriteiten en overtuigingen. Maar de wetenschap schrijdt voort en ook onze overtuigingen veranderen. De wereld van nu is morgen achterhaald. Open stellen, overgave houdt in dat we al onze vooropgezette ideeën los laten en kijken naar dat-wat-is, naar de werkelijkheid van nu.

Een guru kan wijzen naar de te volgen weg maar je zult zelf de stappen moeten zetten. Trungpa vat het begrip guru ruim op. Het kan gaan om een innerlijke guru, iets in ons dat weet wat juist is en wat niet. Of een wijs persoon die je bewondert. Ook kan het leven zelf iets guru-achtigs hebben.

Hoe dan ook gaat het er om zelf te denken, zelf te doen. Een guru kan je niets geven; wat hij zegt of doet heeft geen waarde tenzij je zijn woorden en daden door zelf denken en doen tot eigen ervaring en inzicht maakt.

Iets willen bereiken vraagt altijd een inspanning; voor het pad naar verlichting geldt hetzelfde al lijkt de inspanning daar niet te gaan om het leren van iets nieuws maar eerder om het afleren van wat je geleerd hebt. En er is iets in ons dat zich daartegen verzet, dat excuses verzint en uitstelt tot morgen wat alleen maar nu kan gebeuren. De trucs van het Ik. Het pad naar verlichting is nu. Verlichting is nu. Ons denken houdt ons betoverd.

Gebruik dat wat er is en aanvaard jezelf zoals je bent. Wat je zou willen zijn is van geen belang; dat zijn wensdromen. We moeten eerst wat mededogen met onszelf krijgen en dan pas begint de open weg, al ben je in feite nooit echt van dat pad afgeweest.

Je bereikt de overkant pas als je beseft dat er geen overkant is. We komen er pas als we beseffen dat we er altijd al zijn geweest.

(Trungpa, 1973, p. 163)

Chögyam Trungpa (1939-1987) was een invloedrijke Tibetaanse boeddhistische leraar die een cruciale rol speelde bij de introductie van het Tibetaans boeddhisme in het Westen. Na de Chinese invasie van Tibet in 1959 ontvluchtte Trungpa zijn geboorteland en vestigde zich later in de Verenigde Staten. Hij stichtte de Shambhala-traditie, waarin hij traditionele Tibetaanse leerstellingen combineerde met meditatie en mindfulness aangepast aan de westerse cultuur.[4]

  • Chögyam Trungpa (1973). Geestelijk Materialisme. Haarlem: J.H. Gottmer.
Noten

[1] Bron in het Publieke Domein van Chögyam Trungpa (rechts, voor 1958) — fotograaf onbekend,
[4] Uit: ChatGPT en Wikipedia

Avatar foto

studeerde anderhalf jaar elektrotechniek, zo’n zeven jaar andragologie en studeerde in 1983 af met een scriptie over waarheid en rechtvaardiging. Hij was vanaf 1987 werkzaam als logistiek consultant en software ontwikkelaar. Deed dat vanaf 2009 als freelancer terwijl hij een opleiding volgde tot yogadocent bij de Saswitha Opleiding voor Yoga en Wijsbegeerte. Die opleiding rondde hij in 2018 af met een scriptie (‘LOS’) over vastpakken, vasthouden en loslaten. Inmiddels gepensioneerd geeft hij yogalessen op mat, stoel en rolstoel op diverse locaties.

0