Ik ben opgegroeid in een omgeving waarin emoties er wél waren maar weinig taal kregen. In mijn Turkse familie leerde ik al vroeg dat kwetsbaarheden eerder ingeslikt dan uitgesproken werden. Zwijgen was vaak veiliger dan spreken. Juist daardoor ben ik iemand geworden die luistert onder de woorden; die alert is op wat er niét gezegd wordt, op de spanning tussen het verhaal dat iemand vertelt en de blik in zijn ogen; die gevoelig is voor generaties lang ingeslepen patronen rondom schaamte, loyaliteit en ‘sterk moeten zijn’.
Deze biografie neem ik niet als last mee, maar als bron: het vormt mijn fijnzinnigheid en mijn vermogen om mensen te zien op plekken waar ze zichzelf nog niet durven laten zien. In de masteropleiding begeleidingskunde werd deze kwaliteit al benoemd als die van een ‘fijnproever’, nog voordat ik zelf begreep wat dit in mijn begeleidingswerk betekende.
Gaandeweg heeft deze gevoeligheid ook mijn professionaliteit verdiept. Ik heb geleerd nabij te zijn zonder te versmelten en te luisteren zonder over te nemen. Juist in contexten waar emoties vaak worden gereguleerd of ingekaderd, helpt deze achtergrond mij om te blijven zien wat er menselijk speelt, zonder de professionele verantwoordelijkheid uit het oog te verliezen.
De kern van mijn werk is een ruimte te openen waarin onderzoek mogelijk wordt naar wat onder de waterlijn speelt: loyaliteiten binnen teams, impliciete verwachtingen, spanningen die gemakkelijk worden benoemd als ‘moeilijk gedrag’, maar in wezen veel informatie bevatten.
Die kern hoor ik in:
The ones who see you, even when you’re silent.’
Soul to soul – Let Babylon Burn *
* Luister!